Wanneer is noodverlichting verplicht?

Noodverlichting zorgt ervoor dat mensen een gebouw veilig kunnen verlaten als de stroom uitvalt. Maar is het in jouw situatie ook echt verplicht, en zo ja, vanaf wanneer? Het antwoord ligt vooral in twee plekken: het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) en de Arbowet. In dit artikel zetten we helder op een rij wanneer noodverlichting wettelijk vereist is, waar de grens ligt en wanneer het juist niet hoeft.
noodverplichting verplicht op de muur

Het korte antwoord

Noodverlichting is in Nederland verplicht in een ruimte die bestemd is voor meer dan 75 personen, en in de besloten ruimten waardoor de vluchtroute uit die ruimte voert. Daarnaast geldt de verplichting voor een aantal specifieke ruimten, zoals bepaalde ondergrondse technische ruimten en wegtunnels. Ook de Arbowet kan noodverlichting verplicht stellen op werkplekken waar mensen gevaar lopen als het licht uitvalt. Hieronder lichten we elke situatie toe.

Wat zegt het Bbl?

De belangrijkste bron is het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), dat sinds 1 januari 2024 het Bouwbesluit 2012 vervangt. De eisen voor noodverlichting staan voor bestaande bouw in artikel 3.101 en voor nieuwbouw in artikel 4.195. Volgens deze artikelen is noodverlichting verplicht in:

  • Een verblijfsruimte voor meer dan 75 personen. Denk aan een grote kantoorruimte, een klaslokaal, een zaal, een winkel of een horecagelegenheid.
  • Een besloten ruimte waardoor een vluchtroute uit zo'n verblijfsruimte voert, bijvoorbeeld een gang of trappenhuis zonder daglicht.
  • Een functieruimte die onder het meetniveau ligt, zoals bepaalde ondergrondse technische ruimten.
  • Een wegtunnelbuis.

De achterliggende gedachte staat letterlijk in de wet: een bouwwerk moet zo zijn verlicht dat het veilig kan worden gebruikt en verlaten. Noodverlichting is het vangnet voor het moment dat de gewone verlichting wegvalt.

De Arbowet stelt aanvullende eisen

Naast het Bbl speelt de Arbowet een rol zodra er sprake is van een werkgever en werknemers. Het Arbeidsomstandighedenbesluit verplicht werkgevers om te zorgen voor veilige vluchtwegen en nooduitgangen. Op arbeidsplaatsen waar werknemers bij het uitvallen van de verlichting aan bijzonder gevaar zouden worden blootgesteld, is adequate noodverlichting vereist. Het Bbl en de Arbowet bestaan dus naast elkaar: voldoe je aan het Bbl, dan kan de Arbowet alsnog extra eisen stellen voor de werkomgeving.

Noodverlichting of vluchtrouteaanduiding?

Deze twee worden vaak door elkaar gehaald, maar zijn niet hetzelfde. Noodverlichting verlicht de vluchtroute zelf, zodat mensen kunnen zien waar ze lopen. Vluchtrouteaanduiding is de bewegwijzering, het bekende groene bordje, die de richting naar de uitgang aangeeft.

Voor de aanduiding gelden andere drempels. Een ruimte waardoor een verkeersroute voert en een ruimte voor meer dan 50 personen moeten een vluchtrouteaanduiding hebben die voldoet aan NEN 6088 en aan de zichtbaarheidseisen uit NEN-EN 1838. Een verlichte uitvoering van die aanduiding is in beginsel alleen vereist in ruimten die ook noodverlichting moeten hebben. Kort samengevat: de aanduiding is al vanaf 50 personen aan de orde, de noodverlichting pas vanaf 75 personen.

Wanneer hoeft het niet?

Voor woningen en woongebouwen geldt in principe geen noodverlichtingsplicht. De wetgever gaat ervan uit dat bewoners de vluchtroutes in hun eigen woonomgeving kennen. Toch zijn er belangrijke uitzonderingen. Heeft een gebouw gemeenschappelijke of afgesloten vluchtroutes die onvoldoende daglicht krijgen, zoals het trappenhuis van een grote flat, dan kan noodverlichting alsnog verplicht zijn. Datzelfde geldt voor gebouwen met publieke toegang of met personeel, bijvoorbeeld een verzorgingstehuis met gemeenschappelijke ruimten. In de praktijk is noodverlichting in woongebouwen daarom vaak bovenwettelijk, maar lang niet altijd.

Welke eisen gelden er als het verplicht is?

Is noodverlichting eenmaal vereist, dan moet die aan duidelijke prestatie-eisen voldoen. De verlichting moet binnen 15 seconden na een stroomuitval werken, vervolgens ten minste 60 minuten blijven branden en daarbij minimaal 1 lux geven op de vloer, een tredevlak of een hellingbaan. De lichttechnische details staan in NEN-EN 1838. Voor het beheer en de periodieke controle is het ook belangrijk om het onderhoud goed te registreren, zodat je bij een inspectie kunt aantonen dat de installatie het doet.

Twijfel je over jouw situatie?

De wettekst geeft de hoofdregels, maar de praktijk zit vaak in de details: het exacte aantal personen, de indeling van de vluchtroutes, de gebruiksfunctie en eventuele aanvullende eisen van de gemeente of brandweer. Twijfel je of jouw gebouw noodverlichting nodig heeft, of waar de armaturen precies moeten hangen? Neem gerust contact met ons op. We helpen je met een heldere inventarisatie en een oplossing die aan de actuele regelgeving voldoet.

Kort samengevat

Noodverlichting is verplicht in ruimten voor meer dan 75 personen en in de vluchtroutes daaruit, plus in enkele specifieke ruimten zoals ondergrondse technische ruimten en wegtunnels. De Arbowet kan daar bovenop eisen stellen voor werkplekken. Vluchtrouteaanduiding is al vanaf 50 personen aan de orde. Woningen zijn meestal uitgezonderd, behalve bij onverlichte gemeenschappelijke vluchtroutes. Is het verplicht, dan moet de verlichting binnen 15 seconden aan, ten minste 60 minuten branden en minimaal 1 lux geven.

Veelgestelde vragen

Vanaf hoeveel personen is noodverlichting verplicht?

Vanaf meer dan 75 personen in een verblijfsruimte, en in de besloten vluchtroutes uit die ruimte. Voor de vluchtrouteaanduiding, de groene bordjes, ligt de grens lager: die is al verplicht in ruimten voor meer dan 50 personen en in ruimten waardoor een verkeersroute voert.

Is noodverlichting verplicht in een woning of appartement?

In principe niet, omdat bewoners hun eigen vluchtroutes kennen. Het wordt wel verplicht wanneer er gemeenschappelijke of afgesloten vluchtroutes zijn die onvoldoende daglicht krijgen, zoals trappenhuizen in grotere flats, of bij gebouwen met publieke toegang of personeel.

Wat is het verschil tussen noodverlichting en vluchtrouteaanduiding?

Noodverlichting verlicht de vluchtroute zodat mensen kunnen zien waar ze lopen. Vluchtrouteaanduiding is de bewegwijzering die de richting naar de uitgang aangeeft. Ze kennen verschillende drempels en eisen, maar werken samen om veilig vluchten mogelijk te maken.

Geldt de verplichting ook voor kleine kantoren onder 75 personen?

Vanuit het Bbl niet automatisch, maar via de Arbowet kan noodverlichting alsnog nodig zijn als werknemers gevaar lopen bij het uitvallen van het licht. Ook een onverlichte gemeenschappelijke vluchtroute kan de verplichting alsnog in werking zetten.